vrijdag 31 januari 2014

Bonne année, bonne santé!


Wandelen in de Puy de Dome in december onder een strakblauwe lucht.
Rond de kerst genoten we van twee weken Nederland, vol bezoek, vertier, geleuter en gezelligheid. Winkelen in Eindhoven en Utrecht, op de fiets naar het Kruidvat en de Action, de winkelketen waar Theo Maassen over sprak tijdens zijn Oudejaarsconference ('Wat verkopen ze daar nou eigenlijk?'). Hij zei: 'We worden oneindig gestimuleerd om te consumeren, we leven in een wereld van overtollige spullen, die we wegstoppen in opslagruimtes langs de snelweg'.
Alles goed en wel, beste Theo, ik heb genoten van je voorstelling (keigoed!) maar ik heb ook ontzettend prettig geconsumeerd in Nederland. En de Action, waar ik nog nooit was geweest, wordt een vast adresje als ik in Nederland ben, als is het maar om voor de rest van het jaar leuke en creatieve verjaardagscadeautjes op voorraad te hebben. Weer eens wat anders dan de eenheidsworst uit de Intermarché. Maar goed, dit uitbundige geconsumeer doe ik sinds mijn Franse bestaan alleen als ik in Nederland ben, en dat is hooguit twee keer per jaar. In de Creuse valt er weinig te spenderen. Alleen in de supermarkt en benzinestation haal ik mijn pinpas regelmatig tevoorschijn, hoewel we laatst wel de recent geopende Hema in Clermont-Ferrand bezochtten, waardoor we ondergoed, sokken, pyama's en beddengoed alvast van ons Hollandse shoplijstje konden afstrepen.
Het was heerlijk in Nederland. Ik waardeerde de kneuterigheid, de overzichtelijkheid, het aanbod aan werkelijk alles, het praktische, het efficiënte, het comfort, een huis dat overal verwarmd is, zelfs het toilet. Met Viggo op de fiets naar de winkels, wat een ongekende vreugde. Onze oudste, die in Frankrijk vanwege de steile klimmetjes alleen op het landweggetje fietst aan ons huis, fietste met gemak een flink aantal kilometers mee. Tot mijn grote opluchting, want ja, fietsen behoort tot de Nederlandse basisopvoeding. Check! De terugweg naar Frankrijk viel me zwaar. Of kwam het door de 2,5 ton zware hoogwerker die Rob in Nederland op de kop had getikt en nu achter onze auto bungelde? Thuis werden we koud ontvangen door ons maison de campagne, met een binnentemperatuur van zo'n 7 graden. Aangezien de buren ook nog weg waren, hadden ze onze houtkachel niet aangestoken, een goed gebruik dat we hier - mits we er zijn - voor elkaar doen. Viggo en Manu kropen onder een dik dekbed op de bank voor de televisie, terwijl wij de kachel aanstaken en de auto uitlaadden. We waren weer thuis, op onze prachtige plek, een plek die in Nederland onvindbaar is, maar ook een plek waar het leven niet altijd makkelijk is, waar we keihard moeten werken om ons bestaan verder op te bouwen, waar niks vanzelf komt. Waar we eerst de koude buitenlucht in moeten voor hout om de keuken te verwarmen.
Koud was het in huis, en het duurde dagen voordat het comfortabeler werd en  de fleece truien uit konden. Gelukkig hielp het weer een handje mee om de charmes van ons Franse leven wederom te zien en te ervaren. Dagenlang wentelden we ons onder een stralend strakblauwe hemel, en reed ik met mijn klanten langs mooie, authentieke panden en zag hen genieten van de geweldige vergezichten die de Creuse biedt, veelal op de besneeuwde toppen van de Puy de Dome. Toch een stuk prettiger dan acht verplichte uren op kantoor, mijn oude leven in Nederland. Op televisie keken we naar 'Naar het einde van de wereld', waarin Floortje Dessing de Faeröer-eilanden in het uiterste noorden van de Atlantische Oceaan bezocht. Hier wonen welgeteld twee gezinnen, die een schapenboerderij runnen, en alleen middels een helicopter van het eiland af kunnen. Iedere week logeert er een docent bij de families om de kinderen les te geven. Vioolles krijgen ze via Skype. Hoewel wij veel minder geïsoleerd wonen, vonden we toch enige herkenning. Zo is het hier bijvoorbeeld bijna ondoenlijk om zwemles voor Viggo - komende week 6 jaar - te organiseren; een ander verplicht onderdeel van de Hollandse opvoeding. Het zwembad (een half uur met de auto) waar we wel eens naartoe gaan, sluit per 1 maart de deuren voor een renovatie. 'Waar moeten de scholen dan naartoe voor zwemles?', vroeg ik de eigenaar gezien het feit dat er ook schoolzwemmen wordt gehouden. De beste man moest tot mijn grote verbazing het antwoord schuldig blijven. Voor dit zwembad bestaat er, net als het andere zwembad in de omgeving, een lange wachtlijst voor zwemles. En dan is het niveau ook nog beneden alle peil, als ik de oudere Nederlandse kinderen hier moet geloven. Gelukkig bestaan er Nederlandse zomerzwemprogramma's in Frankrijk - een combinatie van vakantie en zwemles -  waar we Viggo waarschijnlijk voor gaan aanmelden. De creativiteit van de gezinnen op de Faeröer-eilanden vond ik inspirerend, alsmede de eenvoud van het bestaan en het geluk dat ze daarin vinden.
Bonne année, bonne santé, wensen de mensen elkaar hier toe in het nieuwe jaar. Gezondheid in één adem vermelden, prachtig vind ik dat. Het zegt voor mijn gevoel iets over het leven hier. Simpel en puur, zonder poespas, en met aandacht voor de dingen die echt belangrijk zijn. Prima vol te houden, zo lang ik af en toe maar naar de Action kan.




Het lijkt wel lente, denken de dieren in de wei.
 
Het zachte winterweer in schril contrast met de kerstversieringen, hier bij de kerk in ons eigen dorp Lioux les Monges.
 

Dagje Clermont-Ferrand, in de Grande Roue.

Met uitzicht op de Puy de Dome.

 
Mama en Manu kijken toe.

Een heuse clown (spreek uit 'kloen') luistert het kinderkerstfeestje op in het dorp. Mooi dat dit wordt gedaan voor de pakweg tien (kleine) kinderen die het dorp telt.  
 
 
Manu knuffelt uitgebreid met Micky Mouse, hij is er niet meer weg te slaan, tot grote hilariteit van het aanwezige publiek. 'Le petit Hollandais coquin!'
 
Finallement...het belangrijkste aspect van de avond, les cadeaux! Uitgedeeld door de dochter van de kerstman, omdat deze laatste geen tijd had.
 
 
 
Midden december viel 's nachts de electriciteit uit; gelukkig duurde het maar een halve dag. Ontbijtje bij kaarslicht voor Viggo, die al om half 8 's ochtends op de schoolbus stapt.
 
Kerst met de familie in Nederland.

Nichtjes en neefjes united.



Manu viel van de trap bij opa en oma en belandde met mama een nachtje (Kerstnacht) ter observatie in het Maxima Ziekenhuis in Veldhoven. De volgende dag was gelukkig alles weer goed, dus snel aan de borrel.




Bij oma Mien op bezoek.
Een galette des roi. Een koningentaart is een amandeltaart die gebakken wordt naar aanleiding van het driekoningenfeest op 6 januari. In de taart wordt een voorwerp verstopt en het kind dat dit terugvindt in zijn stuk taart is die dag een koning en mag een kroon dragen. Op de Franse scholen wordt dit feest nog altijd gevierd (en thuis deden we het nog dunnetjes over).


There's a new kid in town! Leuk nieuw (Nederlands) speelkameraadje voor Viggo.

Uitnodiging voor verjaardagsfeestje Viggo in de maak.
 

Knutselochtend.

Op een grote paddenstoel....

Les invitations sont prêts!

Slapen in het kasteel.

Toen kwamen de buren thuis van vakantie, en kregen de jongens weer cadeautjes (van Père Noël die deze had achtergelaten).

Hoogwerker, waarmee we tot zeventien meter hoogte kunnen werken. Reparaties aan het dak, snoeien van de bomen, of mooie 'luchtfoto's' maken van ons domein.






Tussen alle bedrijven door hebben we op zolder ook vooruitgang geboekt. De muren zijn geschuurd en gesausd, de balken gebeitst, de schouw bekleed met leisteen, een deur gemaakt naar de kleine zolder en de eikenhouten vloer gelegd.



 







De tijd schrijdt medogenloos voort. Er zijn al twee kindertandjes gevallen...

woensdag 4 december 2013

Boeuf Bourguignon

Culinair gezien maak ik sinds mijn Franse bestaan een onverwachte ontwikkeling door. Nam ik tijdens mijn vrijgezellenbestaan in Nederland geregeld genoegen met een zak Croky als avondmaal, toen Rob en niet veel later de kinderen zich in mijn leven aandienden, kwam ik daar niet meer mee weg. Het moest gezond, maar ook snel, want een maaltijd moest bereid worden tussen pakweg kwart voor zes (thuis van werk en kinderen opgehaald van de crèche) en kwart over zes. Gelukkig bood de Appie uitkomst. Ontelbare zakken voorgesneden groenten, kant en klare salades, voorgeschilde aardappelen en stoompakketjes voor in de magnetron heb ik er weggepind. Op zondag was er de Chinees en de Patatzaak (ook een Chinees) en had mama een 'vrije dag'.
Hoewel de Fransen hoog opgeven over hun culinaire kwaliteiten merken we daar in de Creuse niet zo veel van. De dichtstbijzijnde supermarkt (12 kilometer) biedt weinig variëteit. Sinds we hier wonen bestaat het broodbeleg uit kaas (Goudse, uit Nederland), ham (keuze uit pakjes met 4 of 6 dikke plakken), worst, jam en chocoladepasta. Aangevuld met pindakaas en hagelslag als er bezoek uit Nederland is geweest (waar we dan vervolgens weer van moeten afkicken als het op is). Lekkernijen als kipkerriesalade, boterhamworst, filet americain, fricandeau, slavinkjes, cordon bleu, de heerlijke plumpuddinkjes van Mona....das war einmal.
Noodgedwongen deed ik al snel mijn keukenschort om (die ik in Nederland niet had) en trof ik op internet een voor mij compleet nieuwe wereld aan: een oneindige stroom recepten uit alle hoeken van de wereld waar ik het bestaan niet van kende, laat staan dat ik ooit een poging had gedaan deze zelf te bereiden. Inmiddels heb ik een digitaal kookboek waar ik recepten in opsla en probeer ik geregeld nieuwe gerechten uit. De maaltijdsalades die ik voorheen kant en klaar kocht, maak ik nu zelf, maar ook ovenschotels, soepen en quiches, liefst met groenten en kruiden uit eigen tuin. Nog altijd ligt er een geruststellend aantal pakjes Conimex kruidenpasta's in mijn kastje, voor een snelle, makkelijke hap, maar over het geheel genomen ben ik creatiever dan ik ooit in de keuken was.
Over mijn noeste keukenarbeid hield ik mijn mond tegenover mijn Franse buurvrouwen. Want als het over eten gaat, steekt het chauvinisme hier pas echt goed de kop op en weten de dames het natuurlijk altijd beter. "Koop een mooi stuk lamsbout bij de slager en kom op zaterdagmiddag naar met toe; dan leer ik je koken", zei de één belerend toen we hier nog maar net neergestreken waren. "Laat me je pannenset eens zien", zei de ander, terwijl ze ongevraagd in mijn kastjes dook om vol afgrijzen te constateren dat ik niet beschikte over een cocotte en fonte (gietijzeren braadpan) en een cocotte minute (snelkookpan). Ik liet me niet van de wijs brengen en fabriceerde er lustig op los: gratin parmentier met gehakt en witte kool, romige gebonden champignonsoep, witlof met mozarella en balsamicoazijn, niks was te gek. Mijn zelfvertrouwen groeide met de dag en tegenwoordig durf ik het zelfs wel eens aan een zelfgebrouwen soepje langs te brengen bij de buren, of een gratin van aardperen die ik uit hun moestuin gekregen heb. 'Je begin steeds vaker Frans te koken hé', zegt ze regelmatig goedkeurend.
Laatst kregen we Franse vrienden te eten en durfde ik het aan Boeuf Bourguignon te maken. "Zou je het niet eerst eens uitproberen", opperde Rob voorzichtig, maar ik oordeelde dat dit absoluut niet nodig was. "Ik weet het niet, Maris", zei Rob nadat ik even was gaan hardlopen, terwijl het vlees lekker doorsudderde op het lage vuur. "Het vlees wordt keihard en het lijkt kurkdroog". Ik las het recept nog eens zorgvuldig door en concludeerde dat ik alle stappen volgens de beschrijving had doorlopen. We proefden nogmaals; het smaakte weliswaar goed, maar het vlees was opvallend taai. Hier kon ik bij mijn Franse vrienden niet mee aankomen, en dus draaiden we snel een eenvoudige zuurkoolschotel in elkaar. Over de Boeuf Bourguignon repten we met geen woord. Later op de avond kwam buurvrouw nog even langs en besloot ik over mijn trots heen te stappen en te vertellen wat zich in mijn pannen had afgespeeld. Ze boog diep over de pan en stelde enkele kritische vragen, over de afkomst van het vlees (toevallig ook haar slager, dus dat kon natuurlijk het probleem niet zijn) en mijn manier van marineren. "Dat vlees is nog goed", oordeelde ze. "Geef maar mee, ik weet er wel raad mee." Een uur later kwam ze terug, met een heerlijk zachte Boeuf Bourguignon. "De cocette minute", zei ze stralend. "De eerstvolgende keer dat je dit gerecht gaat maken, kom je eerst bij mij langs", gebood ze. Ik knikte gedwee. Ik gaf de strijd op. Buurvrouw had gewonnen.
Op mijn verlanglijstje voor Kerst staat een snelkookpan. Maar wel één uit Nederland. Lekker puh.

Manu werd 3 jaar. Bon anniversaire, Manu!




En mocht hij natuurlijk trakteren op school.

En cadeautjes uitpakken.

Doordat er sneeuw op komst was, maakte boer Didier overuren
en was hij vaak tot in de late uurtjes bezig met ploegen.
Tot groot vermaak van de boys.

Viggo et le bois.

Aankomst van Sinterklaas in Groningen.
Het blijft een vreemd dit te beleven op het Franse platteland.

 

Om in sinterklaassferen te komen (of te blijven) klik hier.
                                  


donderdag 7 november 2013

Naoberschap

Naoberschap (nabuurschap) is een begrip uit Oost-Nederland waarbij de gezamenlijke noabers (buren) in een kleine, overwegend agrarische gemeenschap zich houden aan de noaberplicht en ze elkaar indien nodig met raad en daad bijstaan.

"Hier op het platteland staan mensen altijd voor elkaar klaar. Iedereen kent elkaar en helpt waar nodig", zei mijn Franse buurvrouw niet zonder trots, toen we ruim anderhalf jaar geleden in Frankrijk arriveerden. Ik had sterk de indruk dat ze ons op onze plichten wilde wijzen en vroeg me af wat naoberschap in de Creuse in de praktijk zou betekenen.
Vaak heeft ze gelijk. Buurvrouw heeft in de beginperiode regelmatig op Manu gepast. Rob helpt wel eens met klussen in en om hun huis, en in geval van nood staan we voor elkaar klaar. Dat een goede buur beter is dan een verre vriend, geldt zeker op het platteland. Opgelucht belde ik mijn buurvrouw met het verzoek Viggo op te pikken van de schoolbus toen ik met de auto achter een kudde koeien stil kwam te staan. Zo kan ik nog vele voorbeelden noemen. Maar recentelijk zijn we er achter gekomen dat er aan dit naoberschap ook duistere kanten zitten.
Ons hameau telt vier huizen en twee afvalcontainers, voor elke twee huizen één. Laatst betrapten we  de boer uit een verderop gelegen gehucht op het dumpen van afval in de container van onze buren, die met vakantie waren. We wandelden ons weggetje uit toen hij zijn auto aan het uitladen was. We konden absoluut niet om elkaar heen, al leken wij de situatie pijnlijker te vinden dan hijzelf. We maakten een praatje over het weer, en we vroegen wanneer zijn zoon, die gebruik maakt van ons land, kachelhout zou komen brengen. Ouderwetse ruilhandel, zoals dat hier gebruikelijk is. Na ons praatje wandelden we verder, en zagen we tot grote ontsteltenis dat hij schaamteloos doorging met het storten van het puin. Afval in de vorm van auto-onderdelen, lege jerrycans en verfblikken, zo zagen we op de terugweg. Bestemd  voor de vuilstort en niet voor een container. En zeker niet die van een ander.
We waren het voorval alweer vergeten toen we de betreffende container enkele dagen later op een andere plek zagen staan, namelijk pal voor het huis van de buren in plaats van aan het einde van het weggetje. "Iemand heeft afval gedumpt in onze container", verklaarde de buurman verontwaardigd. Hij zei te weten wie de dader was en had dit ook gemeld bij de burgemeester van ons dorp. Zij had verontwaardigd gereageerd, maar helaas om de verkeerde reden. Ze was niet boos vanwege de asociale actie van de boer, maar omdat onze buren bij haar kwamen klagen. Hoe durfden ze de lokale boer te beschuldigen van een dergelijke actie? "De boeren zijn heer en meester in Frankrijk", vertelde de buurman. "Ze worden beschermd op alle fronten en op alle niveaus, omdat ze het Franse platteland levendig houden."
Politiek staat hier dichtbij de burger. Veel dichterbij hoeft het van mij niet te worden. Ik krijg in de omgeving vaak positieve reacties als ik vertel in Lioux les Monges te wonen. Waar er in andere plaatsen werkelijk niks (meer) te beleven is, hebben wij in ons charmante, uit natuursteen opgetrokken dorpje, met zo'n vijftig bewoners in de winter en het dubbele aantal in de zomer, een heuse feestcommissie - Viva Lioux - , en de Grange, een soort dorpshuis waar alle festiviteiten gehouden worden. Paaseieren zoeken voor de kinderen, schildercursussen, muziekoptredens, discussieavonden, niks is te dol in Lioux. Onze eigen buurvrouw is de trotse président. Ik was altijd in de naïeve veronderstelling dat het peace & paix was tussen de dorpsbewoners, maar zo goed blijk ik niet op de hoogte. "C'était la guerre dans le village ('Er was oorlog in het dorp'), de hele zomer lang", vertelde een andere buurvrouw. Strijd om de macht in de feestcommissie, meningsverschillen over de financiën, de activiteiten en ga zo maar door. Het was volledig aan me voorbij gegaan.
Naoberschap is een mooi fenomeen. Het heeft wel iets om in zekere mate van elkaar afhankelijk te zijn en is het fijn om hulp te geven en te ontvangen. Maar er zijn grenzen. Wat ben ik blij met ons domeintje aan het einde van een doodlopende weg, op drie veilige kilometers van het dorpsgekonkel.

De kinderen hadden twee weken vakantie (Vacances de la Toussaint) en opa en oma kwamen een weekje op bezoek en hielpen met snoeien van de heggen waardoor het mooie uitzicht over de velden achter ons huis in ere werd hersteld.

 




 

En toen werd tot onze vreugd het mais aan de achterkant van ons huis van het veld gehaald en kunnen we weer genieten van ons mooie uitzicht. Zie hier het filmpje.

Manu was niet bij het raam weg te slaan om de grote landbouwmachines te aanschouwen.

Het mais is bijna weg. Quelle belle vue!

Met prachtig herfstweer gingen we een dagje naar Les Pierres Jaumâtres, een leuke plek in het noorden van de Creuse, met op een bergrug een indrukwekkende verzameling rotsen en keien, met een leuk chaletrestaurant en allerlei activiteiten voor kinderen en volwassenen.





'Ik ben een superheld', zegt Manu, klaar om te klimmen in de touwen tussen de bomen.


 




Met de bergtrein 1465 meter omhoog,
de Puy de Dôme op. 
Panoramique des Dômes




En perentaart, welja.
De hoogste vorm van noaberschap:
Zuurkoolstamppot maken voor je Franse
buren met rookworst uit Nederland.









....bij de ronkende kachel....
het is echt herfst geworden!
Uitrusten.....