donderdag 5 maart 2015

Een eenzaam proces

Langzaam trekt de mist op in de Creuse, verdwijnt het grauwe gordijn waarvan ik het gevoel had dat dit zo langzamerhand in mijn hoofd getrokken was. Alsof ik gevangen zat in een grijze wereld, met beperkte bewegingsruimte en zonder uitgang.
"L'hiver est dur", de winter is zwaar, waarschuwden de mensen toen we hier kwamen wonen. Voor het eerst sinds we in Frankrijk wonen heb ik het deze winter koud gehad, ondanks twee goed draaiende houtkachels. Wat ik eerst zo romantisch vond, dat heerlijk ruikende eikenhout, is nu iedere ochtend een moetje geworden. Het bij elkaar schrapen van de koolresten, naar buiten met een oud vest aan, aanmaakhoutjes halen in de schuur, papier bij elkaar frommelen, beetje karton erbovenop, de aanmaakhoutjes. Yeah, we hebben vuur. Voor Een Hele Dag. Morgenvroeg begint dit ritueel opnieuw.
Het werk dat verricht moet worden om een warm huis te hebben, is leuk als je de tijd aan jezelf hebt. Toen we hier drie jaar geleden onze koffers uitpakten, hadden we nauwelijks verplichtingen en alle tijd om te sprokkelen. Inmiddels werken we heel hard voor een bestaan en voelt het ronduit oncomfortabel om moe thuis te komen in een koud huis, en je eigenlijk wilt neerploffen op de bank, met een kopje thee.
Waar er in Nederland iedere maand een fijn bedrag op onze rekeningen werd bijgeschreven, moeten we hier iedere euro zelf verdienen. Onze weg zien te vinden in het zelfstandig ondernemerschap. In crisistijd in de Creuse. Waar mensen zijn gaan wonen, zo lijkt het soms, om geen geld uit te geven (en dus ook geen inkomen te vergaren). Mensen die leven van landbouwsubsidies, van eigen moestuintjes, van de kinderbijslag, simpelweg van heel weinig geld. Gelukkig is er genoeg import die graag de portemonnee trekt voor een vakman, al zal het geld hier nooit zo rijkelijk vloeien als aan de Franse Rivièra. Dat hoeft ook niet. Rob blijkt in Nederland een goede commerciële en technische basis te hebben gelegd voor zijn werk hier. Hij blijkt bedreven in het zoeken naar creatieve oplossingen en denkt mee met zijn klanten. Dat wordt gewaardeerd, en zijn agenda is vol de komende tijd.
Hoe langer we in Frankrijk wonen, hoe verder Nederland van ons af lijkt te drijven. Begint het steeds meer door te dringen dat we hier echt wonen, hier zijn, iedere dag, hier blijven. Dat onze ouders ouder worden, het gemis groter. Wat betekenen sommige vriendschappen uit Nederland nog als je elkaar al zo lang niet meer gezien hebt en alleen af en toe een duimpje opsteekt op internet? Emigreren is zo enorm ingrijpend, er verandert zoveel om je heen, dat het moeilijk is uit te leggen aan de achterblijvers. Dan pak je de telefoon, om 'm twee seconden later toch maar weer neer te leggen. 'Uit het oog, uit het hart.' Werkt het echt zo? Emigreren is een eenzaam proces.
In Nederland was ik redelijk duidelijk te plaatsen. Brabantse roots, opgeleid tot journaliste, een sociaal, ondernemend, reislustig en avontuurlijk type, met veel interesses en een uitgebreide vriendenkring, die op latere leeftijd alsnog 'het potje op het dekseltje' vond en twee kinderen kreeg. Maar wie ben ik hier eigenlijk? Bij welke stroming hoor ik thuis? Als ik de bevolking van de Creuse in groepen zou moeten indelen, kom ik tot het volgende. De geboren en getogen Creusois, de boeren, burgers en buitenlui, de bejaardenverzorgsters, de gemeenteambtenaren, die weliswaar over het algemeen heel vriendelijk zijn, maar zachtjes uitgedrukt niet erg spraakzaam en niet overdreven geïnteresseerd in nieuwkomers als wij, uitzonderingen daargelaten.
De Franse import: Jongeren die de drukte van de grote Franse steden ontvlucht zijn, hier een goedkoop, granieten huisje of Mongoolse yurt betrekken met wat land en de kost verdienen als schapenhouder, meubelmaker of leraar. Zij zijn voor de gemiddelde Creusois overigens net zo vreemd en anders als wijzelf, maar spreken in ieder geval dezelfde taal.
Van de buitenlanders, veelal Engelsen, Nederlanders en Belgen, vormen de pensionado's de grootste groep. (Semi-)gepensioneerden die al dan niet permanent hier wonen, waarbij een chambre d'hotes of gite het inkomen soms aanvult. Ze vullen hun dagen met klussen in en om het huis, wandelen, schilderen, koken, breien, en zich verhouden tot andere pensionado's om over al deze bezigheden (en de kleinkinderen) van gedachten te wisselen. Ingedeeld per taalgroep. De Engelsen met de Engelsen, de Nederlanders met de Nederlanders. De Belgen wandelen er een beetje tussendoor. 
Dan heb je de die hard zelfvoorzienenden, vegetariërs of veganisten, die zelf stroom opwekken met watermolentjes en zonnepanelen, een mega moestuin onderhouden en met granieten stenen of stro zelf een huisje bouwen. Als ze vragen wat je wilt drinken en je zegt 'Een koud biertje?' kijken ze je niet begrijpend aan, om vervolgens water warm te maken op het houtfornuis voor een kopje granenkoffie.
Tenslotte is er een groep waar wij onszelf gemakshalve onder scharen van mensen die wel bewust gekozen hebben voor een bestaan op het platteland, met minder druk en meer vrijheid, maar met behoud van een zekere moderne levensstandaard, met inbegrip van een energieleverancier, een warme douche, een Ipad en een vliegvakantie op z'n tijd. Deze nieuwe bewoners van de Creuse hebben ook een moestuintje, omdat ze er nu eenmaal de ruimte voor hebben, en de vruchtbare aarde. Het is zeker geen principekwestie, en als er even wat minder tijd is, is de Supermarché snel gevonden.
Tussen al deze nieuwe 'type' mensen, vernieuwende invloeden en de veelheid aan mogelijkheden kan ik nog wel eens in de war raken. Wie ben ik? Wat wil ik? Wie wil ik zijn? Wat vind ik belangrijk? Wil ik in de makelaardij blijven werken, een spannend en dynamisch werkveld als tegenhanger voor het rustige platteland. Een markt die aantrekt en kansen biedt, een veelheid aan internationale contacten, maar ook onregelmatigheid en stress. Of moet ik ook proberen meer met het land te gaan doen? Kippen houden? De moestuin uitbreiden? En de gites, gaan we die nog 'doen'? Al drie jaar prijkt aan de linkerkant van dit blog een tekstje met wie we zijn, en wat we in dit verlaten stukje Frankrijk willen betekenen. De schuur, bestemd voor twee gites, waait niet zomaar om. De bouwvergunning is er ook. We kunnen morgen beginnen, maar het ontbreekt ons aan tijd. Het leven lijkt ons voorlopig een andere richting op te sturen, en hoewel het onderwerp regelmatig ter sprake komt, concluderen we zonder uitzondering: Misschien over een tijdje, maar nu nog even niet.
IJverig probeer ik mijn Nederlandse vriendschappen te onderhouden, regel ik ontmoetingen als we in Nederland zijn. Een paar vluchtige uurtjes, waarin we het hele jaar moeten doornemen, het is te kort. Ook hier, in Frankrijk, doe ik mijn best 'erbij te horen', doen we mee aan het sociale leven. We gaan naar de schoolbingo om geld in te zamelen voor buitenschoolse activiteiten. Voor het eerst krijg ik twee zoenen van de moeder van een klasgenootje van Viggo. En wie the rules kent van het kussen in Frankrijk, weet dat je er dan bij hoort. Dus ja, hoe klein ook, het voelt als een succesje. Maar Mon Dieu, wat duren die processen lang.
Gisteren is er opnieuw sneeuw gevallen. Het koude, witte goedje verstomde pardoes het gefluit van de vogeltjes, die iedere ochtend meer van zich lieten horen omdat ze voelden dat de lente in aantocht was. We zijn allemaal ziek geweest de afgelopen weken, en ik las in een Engels krantje dat de griepgolf in de Limousin het hevigst was. Viggo vroeg vandaag of we samen in de moestuin zouden gaan werken. Ik wist niet wat ik hoorde: Viggo is pas du tout geïnteresseerd in plantjes. De jongens hebben behoefte aan buitenlucht, zoveel is duidelijk, en moeders wil de ramen en deuren opengooien. En zonnestralen op haar gezicht. Vandaar dat we onszelf een leuk reisje naar Zuid-Spanje gunnen, eind april. Met het vliegtuig. L'hiver est dur. Een gewaarschuwd mens telt voor twee, toch?

Viggo 7 jaar!
Heel speciaal: Verjaardagsbezoek uit Nederland van Menno en Helene.



Doordat de scholen staakten tegen de bezuinigingen, hadden Viggo en Manu zomaar een dag vrij. Met hulp van de buurtjes hebben we een iglo gebouwd.


Foto voor de uitnodiging voor het kinderfeestje van Viggo.

Jardin de la Cure, Lioux les Monges dans la neige...
Regelmatig waren we te vinden in de Puy de Dome, om te sleeën en te skiën.

donderdag 5 februari 2015

Balsem voor de ziel

Het blijft me verbazen hoeveel hier gebeurt, in dit 'gat' van Frankrijk, dit super saaie departement waar geen Fransman dood gevonden wil worden. Wat we van de Creuse vinden, vroeg een Française met een vakantiehuis in het dorp afgelopen zomer. Ik somde wat dingen op....mooie omgeving...vriendelijke mensen.... .
'L'ennui?', merkte haar man die er bij stond droog op. Ik moet hem erg verbaasd hebben aangekeken, want als ik iets niet ervaar in ons nieuwe bestaan is het verveling. Iedere dag zijn we druk bezig, met werken, voor een inkomen uiteraard, gelukkig maar, maar ook met vele andere triviale en minder triviale zaken. Een dagje naar 'De Stad' voor de bouwmarkt (what's new), maar ook heerlijk naar de Decathlon voor wat fijne outdoor spullen en een stoere sportfiets met versnellingen voor Viggo's verjaardag. De administratie opruimen, gepland reeds lang voor vertrek naar Nederland met de kerst...het is er nog niet van gekomen. De buurvrouw komt vragen of ik haar noten wil leren lezen. Het Conseil Général bellen, nadat we per mail worden geïnformeerd dat de schoolbus niet langer aan huis komt, maar aan het einde van ons weggetje, zodat de bus bij ons huis geen draai hoeft te maken en minder tijd verliest. Hadden we net een camera aangeschaft zodat we vanuit de keuken, lekker bij de kachel, kunnen zien wanneer onze bloedjes arriveren, gooit de politiek weer roet in ons behaaglijke leventje. Ik bel de mevrouw van het Circuit Transports Scolaires om te bekijken of er nog ruimte is deze jammerlijke maatregel terug te draaien, maar ze geeft aan dat de beslissing onomkeerbaar is. Kinderen van de kleuter- en basisschool mogen tot 500 meter van huis worden opgehaald; voor de collégistes (middelbare scholieren) geldt zelfs een afstand van 1 kilometer. Ons weggetje is slechts 200 meter, rekent ze me voor, dus tegensputteren heeft geen zin.
Een afspraak maken voor vaccinaties voor de kinderen. Een piratenpak repareren. Me verdiepen in onze huidige bedrijfsvorm nadat de Franse overheid wijzigingen heeft doorgevoerd. Sociale contacten onderhouden. Het nieuws volgen.
Charlie Hebdo. We zijn geschokt door de vreselijke gebeurtenissen in Parijs, een dag voor mijn 45ste verjaardag. Dat Boko Haram dezelfde dag honderden mensen heeft vermoord in Noord-Nigeria lijkt me minstens zo erg, maar verdient maar een enkele zin in het Acht uur journaal.
Gevoelsmatig zitten we zeker net zo ver van Parijs als toen we nog in Nederland woonden. Een groter verschil dan tussen de Creuse en Parijs is bijna niet voor te stellen. Denken we hier veilig te zijn, temidden van uitgestrekte bossen, weilanden en meertjes, horen we van een vriend die de website heeft gebouwd van zijn dorp, hier in de buurt, dat deze gehackt is door een Arabische hackers groep. Een radeloze burgemeester aan de telefoon, en later op bezoek. Een vijfkoppige delegatie, twee ICT-specialisten uit de departementale hoofdstad Guéret en drie agenten uit het dorp, bezoekt onze vriend en zijn gezin in het kleine, afgelegen huisje om te achterhalen wat er aan de hand is. De woonkamer is te klein voor zoveel grote mensen en het huisje barst zowat uit haar voegen.
Met een groepje Nederlanders ga ik een avondje uit in een plaatselijke bar. Er is een muziekavond met diner georganiseerd om wat extra geld te verdienen na een slechte zomer. Voorzichtig manoeuvreer ik de quatquat door de bochtige weggetjes, die door de combinatie van sneeuw en vorst spekglad zijn. Een vos vlucht vlak voor mijn auto de bossen in. Een Nederlandse uit haar boosheid op de hooghartige boeren die zonder pardon landweggetjes willen verbreden en heggen weghalen om het zichzelf makkelijker te maken. De boeren die denken zich alles te kunnen permitteren. Ze zegt: "Ik wilde roepen: 'Je suis Charlie'! Maar heb me op tijd ingehouden; het zou weinig indruk maken."
In Nederland, waar we de kerstperiode doorbrengen, merk ik dat het Nederlandse tempo niet langer het mijne is. Het is vol in de viswinkel in het winkelcentrum in de wijk waar we woonden, waar we genieten van een lekker bakje kibbeling. Het meisje somt in rap tempo de sauzen op waar we uit kunnen kiezen. Indringend kijkt ze ons aan, ze heeft haast en moet naar de volgende klant.
Viggo heeft een weekje zwemles. Het warme, benauwde binnenbad in het Golden Tulp Hotel bevalt hem zichtbaar veel beter dan het onverwarmde buitenbad op de camping in Zuid-Frankrijk waar hij afgelopen zomer les kreeg. Het is mooi te zien hoe meester Harry van 123Jump onze oudste over zijn angst helpt waardoor hij zowaar plezier krijgt in het zwemmen. Het is heerlijk in Nederland temidden van vrienden en familie, maar het meegebrachte afspraken- en boodschappenlijstje is te uitvoerig en zorgt nu en dan voor stress. We spijkeren onze kennis bij op het gebied van moderne (digitale)  apparatuur en mijn familie installeert driftig WhatsApp op mijn mobieltje. Grappig dat ik de berichtjes van de familie-app (The Smollies) pas ontvang als we op de terugweg de Belgisch-Franse grens passeren.
Het opstarten in Frankrijk valt niet mee als het nog zo donker is bij het opstaan. Het huis is 's ochtends koud, de kachel moet worden aangestookt, ontbijt gemaakt, de kinderen aangekleed en nu met de vele sneeuw ook de skipakken er overheen. Viggo vertelt dat ze op school best in de sneeuw mogen spelen, maar dat ze geen boules de neige - sneeuwballen - mogen gooien. Stel je voor dat er een steentje in zit. Wat een gemiste kans, denk ik, en verafschuw de overdreven voorzichtige mentaliteit van de Fransen als het om kinderen gaat. Viggo en Manu groeien hard en ontwikkelen zich in rap tempo; een waar genot. Voor mijn gevoel van de ene op de andere dag kan Viggo lezen. Ook Manu heeft het naar zijn zin bij Maitre Alexandre. Enthousiast vertelt hij over de avonturen van een grote, boze wolf. "Wat een leuk gedicht", zeg ik enthousiast. "Nee mama!", roept Manu boos. Dat is geen gedi-hicht! Dat is een iestwhaaaar (histoire)!"
De kennis van de Franse taal overstijgt inmiddels het Nederlands, en meestal kan ik niet nalaten het Nederlands te verbeteren. Behalve als ze uitspraken doen die te schattig zijn. Bijvoorbeeld: "Je bent de allerliefste mama van de hele wereld. Ik woudde altijd al zo'n mama hebben."
Morgen wordt Viggo alweer zeven jaar. Het piepkleine is er nu echt van af. Steeds vaker luistert onze oudste mee met onze gesprekken en zegt hij hele verstandige dingen. Hij vertelt wie er verliefd is op wie, en wil een mobieltje dat echt werkt. Maar gelukkig wil hij ook nog bij ons op schoot. Na het eten, als hij zelf al klaar is en ik nog lang niet, sluipt hij naar me toe en maakt mijn opmerking 'Oh oh..... ik voel een knuffel aankomen!' hem enorm aan het lachen. Over een jaar of acht, negen, gaat hij al naar het Lycée, en dat betekent in Frankrijk meestal ook een verblijf intern door de week. 
Le temps passe vite, trop vite. In een wereld die volledig de weg lijkt kwijt te zijn, besef ik dat het leven Nu is. Ik duik de zolder op, veeg het stof van de verhuisdozen en zoek naar een paar lievelings cd's en boeken. Een verzameling wereldmuziek waar ik zo dol op ben. Youssou N'Dour...Cheb Khaled...ik weet van enthousiasme niet welke ik eerst zal draaien. Muziek....balsem voor de ziel. Ik heb er te lang niet van genoten, opgeslokt als ik was door de vele bezigheden. In de tochtige woonkamer vergeet ik de kou en verwarmt de muziek mijn hart. Ik dans...zing mee....geniet met volle teugen. Dit ga ik vaker doen, neem ik me voor.

Wandeling bij Sermur in december. De echte winter moet nog komen.
Bouwmarkt in Clermont-Ferrand.

Kerstinkopen in Clermont-Ferrand.
Mont-Dore, Puy de Dome.


Père Noël (de loco-burgemeester van ons dorp) deelt cadeautjes uit.
En ja, dat is een serieuze aangelegenheid.
Lijstjes en planningen! Vertrek naar Nederland.
Aan de kerstdis met de familie Smolders.


Met de familie Laurijsen aan de kerstbrunch in Anafora, de 'culinaire huiskamer van het Maximapark', 'ons park' toen we nog in Nederland woonden.
In de Bosspeeltuin, drie jaar later. Inmiddels klimmen en klauteren de kinderen overal op zonder onze hulp!

Witte kerst bij opa en oma.


Wandelen met opa en oma in Hernen nabij Nijmegen, waar we een weekje in het huis van mijn broer mochten verblijven.
Kasteel Hernen.
Viggo krijgt zwemles in Golden Tulip Hotel in Doorwerth.
 






Terug in de Creuse.
Een man die alles kan, daar wordt een mens blij van!
Anderhalve week mochten we genieten van het gezelschap van Tosca.
Helaas bleek ze een maatje te groot en te druk voor ons, maar gelukkig diende zich spontaan een fijn adres aan met twee andere honden en alle vrijheid van de wereld.
Voor het laatst komt de schoolbus tot aan ons huis.